maandag 11 maart 2013

Niet meer dan dat…



Wanneer ik slechts zou doen
Wat het lot van mij verlangt
En niet meer dan dat… 

Zou dat genoeg zijn
Om vredig te kunnen sterven
En dapper te leven, zonder angst
dat de trein naar een andere bestemming
mijn gereserveerde plaats zal meenemen? 

Zou dit stoffige dorp
Met de woestijn die haar omringt
Genoeg water hebben, verborgen in een put
Om een diepe dorst te lessen
En leven te schenken, aan een bloem? 

Zou één schoonheid
Die bevallig voorbij schrijdt
Door de armoedige straten, genoeg zijn
Om verbeelding te geven
Aan de ruwe, ongevormde dromen
Van iedere man of vrouw, die haar beziet? 

En zouden ze het wonder bevatten
dat die ene bloem,
de woestijn niet heeft geschuwd
Of verloren gaan in verwijten
naar elkaar, omdat ze beiden niet bevatten
Dat opwekking meer waard is dan bezit?
Voor wie de put niet kan vinden
Zullen bloemen gauw verwelken
En zal stof de heersende religie zijn… 

Ik weet jouw hart zo nu en dan te vinden
En de heuvels van jouw warme lichaam
Leiden mij naar huis, in de donkere nacht 

Als de bron zich zo goed verborgen houdt
Maar het weinige groen verraadt haar bestaan
Wat kan ik anders doen, dan hangen rond de put? 

Het werktuigelijk afdalen naar het leven
Slaaf van de beetjes die ik krijg
nooit genoeg van het water
om mijzelf in weerspiegeld te zien
Begrensd door de rand van de emmer
Als een houten nimbus om mijn schaduwhoofd 

De klotsende beeltenis, die ik moeizaam voortsleep
Naar mijn afgemeten woning
Waarmee ik zal koken, wassen en poetsen
Als mijn eerste dorst is gelest
En de hoop is terug gekeerd, voor één nieuwe dag,
Voor één moment in de eeuwigheid… 

Zo is alles vervuld. Wie niet meer vraagt
Kan gaan slapen, of nog verdwalen in gedachten
Voordat de lome middag het van hem wint 

Eén emmer water en jouw hart…
Een bloem die ons doet dromen
Rond de put, de trage stroom van ons leven 

Niets doet mij naar elders verlangen
Dan de glinsterende aanblik
Van de stalen rails op het spoor
Waarvan de dwarsliggers die ze ondersteunen
Oneindig veel obstakels zijn
Op de vluchtweg hier vandaan